Bestaansleegte

      
      Tijdens het scheppen is de persoonlijkheid ‘afwezig’, derhalve bewegen verstrooidheid, wanhoop, creatieve
      depressie, extase, verscheurdheid, verlatenheid, kortom gedissocieerd zijn van elk houvast door elkaar heen.
      De vitale ziel sleurt het innerlijk van deze mens mee in een afgrond, een onderwereld, waarbij  een veelheid aan
      archetypische beelden manifest wordt. Daarnaast zijn er soms ontgrenzende  ervaringen vanuit een hoger
      bewustzijn, waarbij voorstellingen als sterrenstelsels (hemelen, kosmos), engelen, sereniteit zich kunnen aandienen. 
      Wat in de oudheid een positie vol werkzame innerlijke kracht was van  profeten, zieners of sjamanen, kan nu opgevat
      worden als een positie die scheppende kunstenaars in de samenleving innemen. Veelal drukt men zich uit in
      symbolische taal en beelden, waarbij het herschrijven en ondermijnen van het bestaande (wat als corrupt,
      leugenachtig en hebzuchtig beschouwd wordt), tegenover een nieuw begin (geboorte), liefde en dood, tot expressie
      gebracht worden. Bovenal was (is) er het instinctmatige besef dat het aards-kosmische zich voltrekt binnen de
      wervelende kracht van de Moedergodin. Zij inspireert de ziel, de muze van de kunstenaar, noodzaakt hem het
      vrouwelijke in al haar varianten te ondergaan en uit te beelden (Picasso is daar een groots voorbeeld van).  
      Het onvervulbare verlangen naar de vrouw brengt het krankzinnige nu en dan te weeg. De schrijver, dichter, acteur
       Anotin Artaud (overleden in 1948) bracht dit onder woorden met betrekking tot Van Gogh. Het publiek, dat vlak na de
      Tweede Wereldoorlog in Parijs naar de expositie ging gewijd aan van Goghs werk, raakte in zijn beleving  niet
      doordrongen  genoeg van de levenspijn, de helse wanhoop en eenzaamheid van de schilder. Zelf speelde Artaud zijn
      door hemzelf geschreven theaterstukken op het toneel in Parijs. Voor hem viel het onderscheid tussen de rol van de
      acteur en wat hij uitbeeldde weg. Hij ging tekeer, schuimbekte, viel schreeuwend neer, kortom, het exces was voor    
      hem waarheid. Menig theaterbezoeker verliet voortijdig geshockeerd de zaal.

      Datgene wat ik in deze tekst naar voren wil brengen, is dat zielwording zich voltrekt via innerlijke breuklijnen.
      Nietzsche heeft twee bewegingen van de kunstenaarsziel die met elkaar verbonden zijn onderscheiden: de
      Apollinische en de Dionysische. De eerste betreft de vorm van het kunstwerk, de schoonheid, in de compositie de
      muzikaliteit. De Dionysische beweging is het overrompelende, excessieve en extatische waaraan  de kunstenaar
      overgeleverd is. Dit kan opgevat worden als duistere archetypische krachten, een oerwil van de ziel waar de
      persoonlijkheid van de kunstenaar aan onderhevig gesteld wordt.  
      De Baskische kunstenaar Chillida (overleden in 2002) maakte wereldberoemde sculpturen. Hij zegt: ‘Wanneer het
      werk eenmaal in gang is gezet, zegt het mijzelf dat het muziek is op het moment dat het zijn karakter toont. De
      muziek maakt gebruik van haar mogelijkheden in de tijd en ik benut die in de ruimte.’ In zijn eerbetoon aan de Franse
      filosoof Bachelard komt het vermogen van het Ik en van de Ziel in zijn volle poëtische betekenis en in zichzelf
      besloten verbeeldingskracht tot uitdrukking. Chillida articuleert de droom (die de tegenpool is van rationaliteit en
      wetenschap), hij vervat haar in een tastbare vorm: de handeling tussen ijzer en vuur. Hij zocht in zijn sculpturen
      soms naar een dansende beweeglijkheid, soms naar de binnenste ruimte, dat wat niet wordt meegedeeld.  
      Chillida brengt het diep persoonlijke en universele van thema’s als de immense ruimte die ons omgeeft en muziek
       als de golven van de zee naar voren; ze lijken hetzelfde maar zijn altijd weer anders in tijd, ritme en harmonie.
      Wat Chillida overbrengt is een geraakt worden door wat buiten de woorden ligt. Dat is wat het leven van mensen
      treft: intensiteiten die inkerven, het volgen van een innerlijke noodzaak en dit inkleuren, geometrische vormen laten
      bewegen. Daarin leidt de relatie tussen licht en binnenruimte tot een mogelijk mystieke ervaring: ook in het binnenste
      kan het licht worden. Uitzonderlijk zijn Chillida’s windkammen. In 1977 werden bij de ingang van de baai La Concha bij
      San Sebastian drie van deze Windkammen aan rotsen geklonken.
      Vervolg     Terug naar vorige pagina 

Website laten maken? SiteToGo.nl